Nierproblemen

This page is part of the Dutch version of the PanCare PLAIN summaries about late effects and recommendations for long-term follow-up care for survivors of childhood, adolescent, and young adult cancer. Click here, to visit the English PLAIN summaries.
PLAIN version 2: July 2025

Deze informatie is gebaseerd op de samenvatting gebaseerd op de samenvatting van de PanCareFollowUp guideline about Renal problems [1].

Nierproblemen

De nieren verwijderen afvalstoffen uit het lichaam en zorgen voor genoeg vocht en zout. Ze regelen de bloeddruk en maken onder andere hormonen die zorgen voor voldoende rode bloedcellen.

Soms onstaan er nierproblemen:

  • Beschadiging van de nierfilters waardoor:
    • afvalstoffen zich ophopen. Dit merk je vaak pas na lange tijd.
    • je belangrijke zouten kunt verliezen
    • je een hoge bloeddruk kunt krijgen. Dit verhoogt weer de kans op hart- en vaatziekten

Heb ik een verhoogde kans op nierproblemen?

Iedereen, ook mensen die nooit kanker hebben gehad, kan nierproblemen krijgen. Maar sommige kankerbehandelingen kunnen de kans vergroten.

De volgende behandelingen kunnen de kans op nierproblemen vergroten:

  • Chemotherapie, zoals ifosfamide, cisplatine en carboplatine
  • Elke dosis radiotherapie op de nier(en) of urinewegen of op een gebied waar de nier(en) of urinewegen liggen
  • Stamceltransplantatie
  • Operatie waarbij een nier is verwijderd

Je kunt in de samenvatting van je behandeling zien of je een of meer van deze behandelingen hebt gehad. Als je geen samenvatting hebt, kun je contact opnemen met de LATER-poli of het ziekenhuis waar je behandeld bent.

Nierproblemen hoeven niet altijd door de behandeling te komen. Er kunnen ook andere oorzaken zijn, zoals hoge bloeddruk of diabetes.

Wat zijn de klachten en signalen van nierproblemen?

Bepaalde klachten en signalen kunnen wijzen op nierproblemen. Ook al heb je deze klachten en signalen op dit moment niet, toch is het belangrijk dat je ze (her)kent voor het geval je ze ooit krijgt.

De volgende klachten en signalen kunnen wijzen op nierproblemen:

  • Hoge bloeddruk
  • Vocht in de benen en soms op andere plaatsen, zoals rond de ogen (vooral bij kinderen)
  • Meer of minder vaak plassen dan normaal
  • Bloed in de urine
  • Schuimende urine

Als je een van deze klachten of signalen herkent, neem dan contact op met je huisarts of LATER-arts.

Ik heb een verhoogde kans op nierproblemen. Welke onderzoeken zijn nodig en wanneer?

Als je een verhoogde kans op nierproblemen hebt, is het advies om:

  • ten minste om de 5 jaar een bloedonderzoek te laten doen om het creatinine te meten
  • ten minste om de 5 jaar een urineonderzoek te laten doen om eiwit en creatinine te meten
  • als je ifosfamide, cisplatine of carboplatine hebt gehad, ten minste om de 5 jaar ook de volgende stoffen te laten meten:
  • In het bloed
    • Natrium
    • Kalium
    • Magnesium
    • Fosfaat
    • Calcium
    • Albumine
  • In de urine
    • Glucose
    • Fosfaat

Wat gebeurt er als ik nierproblemen heb?

Als je nierproblemen hebt, verwijst je huisarts of LATER-arts je waarschijnlijk naar een:

  • Nefroloog (arts gespecialiseerd in de nieren)

Deze bespreekt de verschillende behandelmogelijkheden met je.

Wat kan ik nog meer doen?

Het kan moeilijk zijn te leven met (een verhoogde kans op) nierproblemen. Praten met vrienden en familie kan helpen. Ook contact met mensen in eenzelfde situatie kan fijn zijn, bijvoorbeeld via een patiëntenvereniging, zoals VOX, een onderdeel van de Vereniging Kinderkanker Nederland.

Als je maar één nier hebt is het belangrijk deze te beschermen tegen letsel. Wees voorzichtig met bepaalde pijnstillers zoals ibuprofen, diclofenac en naproxen en parac etamol. Deze kunnen de nieren beschadigen.

Zorg vooral goed voor jezelf. Je kunt de kans op nierproblemen verkleinen met een gezonde leefstijl. Gebruik zo min mogelijk zout en drink voldoende. Dit betekent meer drinken bij warm weer en bij lichamelijk activiteiten. Zorg ook voor je mentale gezondheid. Kleine veranderingen kunnen al een positieve invloed hebben op je lichamelijke en mentale welzijn. Lees meer over kiezen voor een gezonde leefstijl en aandacht voor je mentale gezondheid.

Het is belangrijk dat je weet dat je een verhoogde kans hebt op nierproblemen en dat je de klachten en signalen herkent. Als je vragen hebt of als je je na het lezen van deze informatie zorgen maakt, neem dan contact op met je huisarts of LATER-arts.

Waar vind ik meer informatie?

Op deze website staat ook informatie over:

In de PanCare Plain Language Summaries vind je links naar betrouwbare informatie in het Engels.

Je kunt online informatie over nierproblemen zoeken, maar bedenk dat deze niet altijd up-to-date en juist is.

Disclaimer

Deze informatie is gebaseerd op de samenvatting gebaseerd op de samenvatting van de PanCareFollowUp guideline about Renal problems [1].

Hoewel de PanCare PLAIN Information Group ernaar streeft om accurate, volledige en actuele informatie te verstrekken op het moment van publicatie, raden wij u aan om contact op te nemen met uw arts of langdurige zorgspecialist om er zeker van te zijn dat deze samenvatting de meest actuele en relevante informatie voor u bevat.

U mag niet uitsluitend op deze informatie vertrouwen. Het is raadzaam om advies in te winnen bij een gekwalificeerde arts als u vragen heeft over een specifieke medische aandoening, ziekte, diagnose of symptoom.

Er wordt geen garantie of verklaring gegeven, expliciet of impliciet, met betrekking tot de nauwkeurigheid, betrouwbaarheid, volledigheid, relevantie of actualiteit van deze informatie. PanCare heeft de Engelse versie geproduceerd en PanCare is niet verantwoordelijk voor de vertaalde versies van deze samenvatting. De Nederlandse versie is gemaakt door het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie.

Vertrouw bij klachten en signalen niet alleen op deze informatie, maar ga naar je huisarts, LATER-arts of specialist.

[1] van Kalsbeek, R. et al. (2021) European PANCAREFOLLOWUP recommendations for surveillance of late effects of childhood, adolescent, and Young Adult Cancer, European journal of cancer. Available at: https://www.ejcancer.com/article/S0959-8049(21)00368-3/fulltext